Wat is value investing?

 

Een droge samenvatting:

 

De begrippen 'Value' en 'Investing' kwamen voor het eerst samen in de collegezalen van Ben Graham en David Dodd, twee docenten aan de Columbia Business School in New York City. Om hun ideeën over beleggen en speculeren te illustreren werd het concept 'Value Investing' in 1928 geintroduceerd. Beide heren waren vrij conservatief ingesteld en van mening dat men enkel veilig en rendabel kon investeren door te beleggen in bedrijven met een tastbare waarde en een sterke onderwaardering op de beurs. Het stond voor beide professoren vast dat dergelijke bedrijven vroeg of laat op hun werkelijke waarde zouden worden ingeschat en verhandeld, waardoor de bedrijven ook minder gevoelig waren voor fluctuaties op de financiële markten. In theorie was dit natuurlijk prima advies, maar in de praktijk bleek een 'onderwaardering' niet zo gemakkelijk te herkennen. Een relatief lage beursnotering kan tenslotte vele oorzaken hebben en er is een hoop inzicht, ervaring en 'know how' vereist om de ware toedracht van een onderwaardering te achterhalen. De 'lessen' van Graham en Dodd vormen nog steeds de basis van het huidige value investing (waardebeleggen), maar vele beleggers hebben er in de afgelopen decennia een eigen draai aan gegeven.

Eén van de bekendste value investors van deze tijd is ongetwijfeld Warren Buffett, die met een geheel eigen visie op waardebeleggen een vermogen van USD 53 miljard! wist te vergaren. De heer Buffett heeft zich vanaf het begin voorgenomen alleen te beleggen in bedrijven die hij met een gerust hart zelf zou kopen als de mogelijkheid zich zou voordoen. Dus naast een relatief lage notering op de beurs moest het bedrijf intrinsiek gezond zijn, met betrouwbaar management en een productaanbod dat onlosmakelijk verbonden was met het dagelijks leven; een bedrijf met een tastbare waarde. Dit zijn veelal bedrijven die moeilijk vervangbare, specialistische producten en expertise leveren, met een gegerandeerde productafname. Brandstoftoevoegingen, waterzuiveringsinstallaties, auto-banden, data-transportkabels en zwaar materieel voor de mijnbouw- en olieindustrie, zijn enkele voorbeelden van producten waar onze samenleving niet meer buiten kan. Onmisbare producten en een beursnotering die ver onder de werkelijke waarde van het bedrijf ligt, zijn de kenmerken van de zogheten value companies (waardebedrijven). En het beleggen in dit soort bedrijven noemt men waardebeleggen.

Succesvol waardebeleggen valt of staat bij de vaardigheid de werkelijke waarde van een bedrijf te herkennen en de lage beursnotering te kunnen verklaren. Dit vereist uiteraard enige ervaring, inzicht en ‘feeling’. Maar als de richtlijnen en parameters eenmaal zijn vastgesteld valt er met waardebeleggen veel geld te verdienen. Met name in onzekere tijden als de huidige kredietcrisis.

 

Een luchtige samenvatting met praktijkvoorbeelden:

 

De heer De Wit is op zoek naar een nieuwe grasmaaier. Het liefst één waar hij op kan zitten zodat hij in alle rust het gras kan maaien terwijl hij peinst over wat hij met het toekomstig rendement van zijn beleggingen gaat doen. Hij heeft een mooie grasmaaier op het oog, maar deze is behoorlijk prijzig. Bovendien vraagt meneer de Wit zich af of het wel een degelijk apparaat is. De verkoper vertelt hem dat het van Duitse makelij is en dat het nooit kapot gaat. En daarom krijgt hij er 15 jaar garantie op. De heer De Wit is nu overtuigd van de waarde van het apparaat, maar vraagt zich af of het niet te duur is. Hij kijkt nog wat rond bij andere winkels en komt uiteindelijk hetzelfde model tegen met 20 procent korting. Dit vindt hij een reële prijs voor de waarde van de grasmaaier en hij besluit deze te kopen.

Zoals in bovenstaand voorbeeld werkt het eigenlijk ook met waardebeleggen. Bij waardebeleggen is het ten eerste van belang uit te zoeken wat de waarde van een bedrijf of belegging is. Dit wordt vastgesteld door een uitgebreide analyse uit te voeren. Uit die analyse komt een relatieve waarde van de belegging naar voren. Die waarde kunnen we simpel uitleggen als wat we bereid zijn te betalen voor het bedrijf of de onderliggende belegging. Dit kan worden uitgedrukt in verschillende ratios.

Bij de grasmaaier was meneer de Wit overtuigd van de waarde toen hij hoorde dat het van Duitse makelij was en hij er 15 jaar garantie op kreeg. Bij een belegging komt er heel wat meer bij kijken om de waarde vast te stellen. Maar als we eenmaal een waarde van een belegging vastgesteld hebben, dan willen we daar eigenlijk minder voor betalen dan het waard is. Net zoals we de grasmaaier met korting willen kopen.

Bij waardebeleggen is het dan ook de kunst, bedrijven of beleggingen te vinden die op het moment van aankoop in de aanbieding zijn. Dit noemen we een onderwaardering.

 

Wat is onderwaardering?

De Duitse grasmaaierfabrikant waar de heer De Wit de machine van gekocht heeft is een beursgenoteerd bedrijf. Analisten hebben de waarde van het bedrijf ingeschat op b.v. 10 miljoen euro. Dit is simpel gezegd gebaseerd op de inkomsten, de uitgaven en de huidige markt. Door de sterke groei en de vooruitzichten van de markt denken de analisten dat dit bedrijf over 5 jaar weleens verdubbeld zou kunnen zijn in waarde. Als ze de waarde van het bedrijf delen door het aantal uitstaande aandelen, dan zou het aandeel nu 80 euro moeten zijn. Het aandeel staat echter maar op 50 euro. Dat betekent dat de aandelen ondergewaardeerd oftewel in de aanbieding zijn.

Bij het bepalen van de waardering van de belegging wordt ook gekeken naar de toekomstverwachtingen van het bedrijf, de winst die het bedrijf maakt en tegen welke kosten  dat gemaakt wordt. Een goede waardebelegger neemt alleen bedrijven in zijn of haar portefeuille op die uitstekend presteren, en die voor een aanbiedingsprijs worden verhandeld.

Waardebeleggen wordt ook wel value investing genoemd (value = waarde en investing = investeren).

 

Nog een voorbeeld:

U bent in de supermarkt om boodschappen te doen. Bij de vleeswaren ziet u uw lievelingsbiefstuk in de reclame voor slecht €9,99 per kilo in plaats van €24,95 per kilo. Wat doet u? Waarschijnlijk gooit u uw winkelwagentje vol met biefstuk! De week erna doet u opnieuw boodschappen en dan constateert u dat het biefstuk is geprijsd tegen €27,95 per kilo. U staat daar even bij stil en wellicht koopt u deze week geen biefstuk... Wanneer de prijzen weer zakken, dan koopt u datgene dat u wilt hebben.

Dit is een normaal verschijnsel in het dagelijks leven, maar vreemd genoeg gebeurt dit niet op de aandelenmarkt. Op de aandelenmarkt wil iedereen juist die aandelen hebben die “hot” zijn. Zie bijvoorbeeld de beursgang van Facebook in 2012. Als de verwachtingen stijgen, roept iedereen al snel kopen! Dalen de koersen, dan wordt er aangeraden om te verkopen. Op één of andere manier denkt iedereen dat men aandelen die stijgen moet kopen en aandelen die zakken moet verkopen. Deze manier van denken heeft te maken met een stukje psychologie. Men is bang om de boot te missen.

Toch is het kopen van aandelen niet veel anders ten opzichte van boodschappen doen. Waardebeleggen is er dan ook juist op gericht om aandelen te kopen die in de “aanbieding” zijn, maar nog wel hun waarde hebben.

Bij waarde beleggen wordt uitgegaan van twee simpele principes: Wat is de waarde (intrinsieke waarde) en verlies geen geld (margin en risico).

Het kijken naar de intrinsieke waarde is van groot belang omdat u hierbij vergelijkt wat u voor een stukje van het bedrijf moet betalen (aandeel) in verhouding tot wat u moet betalen indien u het gehele bedrijf zou kopen.